Achtzaamheid

Reconciliation in Myanmar

Myanmar is volop in het nieuws vanwege de honderdduizenden vluchtelingen in het grensgebied van de westelijke staat Rakhine (Arakan) en het buurland Bangladesh. Bijna niemand weet dat er een veel groter proces van Reconciliation (verzoening) in het land op gang aan het komen is na vijftig jaar militair bewind. Dit is een poging om de geschiedenis een gunstige loop te geven die vergelijkbaar is met Zuid-Afrika na het Apartheidsregime.

De berichtgeving wordt gedomineerd door mainstream media zoals Reuter, CNN, New York Times, BBC en Al Jazeera, de Engelse krant The Guardian en in Nederland de NOS. Opvattingen van de Verenigde Naties, de Europese Unie en non-gouvernementele organisaties (NGO's) voor mensenrechten ('de nieuwe religie van het Westen') zoals Amnesty International, Human Rights Watch, Fortify Rights en Artsen Zonder Grenzen worden in het algemeen kritiekloos weergegeven. Van opvattingen van Westerse 'Dhamma-bladen' over deze zaak, zoals Tricycle of Lion's Roar, ben ik in het geheel niet onder de indruk. Ik noem het kenmerkend lui denken.

State Counsellor Aung San Suu Kyi, die wat meer recht van spreken heeft dan ik, spreekt in dit verband van een ijsberg van disinformatie. De mainstream media belichten op zijn hoogst het topje van de ijsberg, terwijl een ijsberg nu juist gekenmerkt wordt door het onzichtbare deel ervan.

In Myanmar zelf wordt er al tweehonderd jaar heel anders tegenaan gekeken. Het koloniale tijdperk tot 1948 en vijftig jaar isolement onder het militaire regime vanaf 1962 zijn natuurlijk niet bevorderlijk geweest voor het bekend worden van de feiten in het Westen. De problemen zijn niet begonnen sinds de Myanmarezen de afgelopen jaren op grote schaal de beschikking over smartphones kregen en zich zijn gaan vertonen op de zogenaamde sociale media.

Aung San Suu Kyi doet in haar toespraak op 19 september 2017 over 'National Reconciliation and Peace' een beroep op de rest van de wereld om zich daar eens in te verdiepen. Opmerkelijk genoeg geeft zij aan dat daar vrijgevigheid en moed voor nodig is. Als practiserend boeddhist zal zij daarbij ongetwijfeld doelen op (het loslaten van) gehechtheid aan meningen.

Een voorbeeld. Twee journalisten zijn tot zeven jaar gevangenisstraf veroordeeld. Bij ons onvoorstelbaar. Maar ze zijn niet veroordeeld voor de zaak die ze onderzochten: de moord door het leger op een tiental 'Rohingya'. Dat wordt niet betwist, en de betreffende militairen zitten inmiddels in een strafkamp of in de gevangenis. Misschien zijn de journalisten er opzettelijk ingeluisd, zoals beweerd wordt. Wel heb ik de indruk - er worden namelijk wel vaker journalisten veroordeeld - dat in Myanmar de verhouding tussen recht en moraal/fatsoen anders is dan bij ons. Oftewel: dat er veel meer moraliteit in het rechtssysteem zit dan bij ons. Is dat een voordeel of een nadeel, of zullen we het laten rusten als een feit? Harold Fielding (zie ook link hieronder) wees er al in 1898 op dat de Birmezen 'een heel jong volk zijn'. Als dat zo is: zo'n achterstand haal je niet zomaar even in. Wie zijn wij dan wel om daarin dingen te forceren?

“Their laws and their methods of enforcing the law were those of a very young people. But, notwithstanding this, there was a spirit in their laws different from and superior to ours.” (Harold Fielding Hall, The Soul of a People. 1898 p. 104)

 

Wie de uitnodiging van Aung San Suu Kyi wil aannemen, vindt hieronder materiaal dat ik sinds eind augustus 2017 aan het verzamelen ben. Ik sluit deze inleiding af met een aantal algemene opmerkingen. Opbouwende vragen en opmerkingen van lezers stel ik op prijs.

Van de 53 miljoen inwoners van Myanmar (of Birma) beschouwt 89% zich als boeddhist. De leer (Dhamma) van de Boeddha heeft zich in een periode van meer dan 2000 jaar in de geest van de bewoners gevestigd. Men koestert de Dhamma als een kostbare schat. De betekenis daarvan is pas echt te begrijpen als iemand op zijn minst een begin heeft gemaakt met het beoefenen ervan. (Anders denkt men al gauw dat alle religies op hetzelfde neerkomen.) Thans, in de 21e eeuw, is men zich in Myanmar bewust van verval, ook in moraliteit, zoals U Pandita opmerkt. Niet angst is daarbij behulpzaam, maar een energieke wederopleving van binnenuit.

Daarnaast is er een voor de meeste buitenstaanders onbegrijpelijke angst voor islamisering van het land. ('Hoezo dat? Bij 89% boeddhisten en 4% moslims!') Boeddhisten overal ter wereld weten echter heel goed dat bij uitstek zij degenen zijn die door de Islam als ‘ongelovigen’ en ‘aanbidders van afgodsbeelden’ (infidels en idol worshippers) worden beschouwd, en dat dit – om het voorzichtig aan te duiden – niet iets is waarvan de moslims vinden dat die boeddhisten dat maar lekker zelf moeten weten. De Islam heeft een dramatische track record in hoe zij in de loop der eeuwen (zie bv. Nalanda) is doorgedrongen in Azië, en in hoe zij ook niet terugdeinst voor onderlinge strijd.

 

De Ziel van een Volk

Rakhine (Arakan)

The Best Remedy

Aung San Suu Kyi

Boeddhisme en de Staat

Het Kofi Annan Rapport

Boeken van Jan-Philipp Sendker

Journalistiek

Archief